RIVM_Logo

Gesignaleerd

Overzicht van bijzondere meldingen, clusters en epidemieën van infectieziekten in binnen- en buitenland tot en met 30 januari 2014

Binnenlandse signalen

Toename van Salmonella Dublin

In de Salmonella-surveillance is begin januari een opvallende toename van Salmonella Dublin gevonden. Elf isolaten waren positief voor Salmonella Dublin, terwijl normaal verspreid over het jaar 5-6 patiënten met Salmonella Dublin worden gevonden. De stammen zijn ingestuurd vanuit verschillende delen van het land. Salmonella Dublin wordt voornamelijk in rundvlees gevonden. De betreffende GGD’en nemen, waar mogelijk, een vragenlijst bij de patiënten af. Op dit moment zijn er nog te weinig resultaten om een mogelijke bron aan te wijzen.
(Bron: RIVM)

Toename griep

Het aantal mensen dat met griepachtige klachten (IAZ) naar de huisarts gaat is de afgelopen weken gestegen. In week 5 van 2014 was de incidentie van huisartsconsulten wegens IAZ 44 per 100.000 inwoners. Deze incidentie is iets hoger in vergelijking met de week ervoor, toen de incidentie 41 per 100.000 was (week 4). Dit is nog onder de epidemische drempel van een incidentie van 51 per 100.000 inwoners.
(Bronnen: Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg (NIVEL), RIVM)

Verspreiding van mazelen in de Bijbelgordel neemt af

Sinds 1 mei 2013 zijn 2606 patiënten met mazelen, opgelopen in Nederland, gemeld. Signalen uit diverse GGD-regio’s geven aan dat dit een grote onderschatting is van het werkelijk aantal ziektegevallen. De epidemie neemt af (zie figuur 1). De meeste mazelenpatiënten zijn ongevaccineerd (94%) en in de leeftijdsklasse 4-12 jaar (57%). 
(Bron: RIVM)


 

Gesignaleerd figuur 1

Figuur 1 Aantal mazelenmeldingen mei 2013-januari 2014


Buitenlandse signalen

Chikungunya in het Caribisch gebied

Sinds oktober 2013 is er een uitbraak gaande van chikungunya in het Caribisch gebied. In totaal gaat het tot eind januari, om 1.068 bevestigde patiënten, waarvan de meeste afkomstig zijn uit het Franse deel van Sint Maarten, Martinique en Guadeloupe. Ook zijn er patiënten gemeld op de Britse Maagdeneilanden, Dominica en Saint Barthélemy. Op het Nederlandse deel van Sint Maarten zijn 65 bevestigde patiënten gemeld sinds het begin van de uitbraak.
(Bronnen: RIVM, Caribbean Public Health Agency (CARPHA))

Patiënt met influenza A(H5N1)-infectie in Canada

In Canada is een patiënt overleden aan de gevolgen van een influenzavirus A(H5N1)-infectie, vlak na terugkomst uit Beijing. De patiënt presenteerde zich met koorts, malaise en hoofdpijn passend bij een meningo-encefalitis. In het ziekenhuis is de diagnose bevestigd. Enkele reisgenoten worden door de gezondheidsautoriteiten gemonitord op griepachtige klachten. De patiënt is niet buiten Beijing geweest en heeft geen boerderijen of diermarkten bezocht. Dit is het eerste (import)geval van influenzavirus A(H5N1)-infectie in Noord-Amerika. Sinds 2003 zijn er verspreid over 15 landen 650 patiënten gemeld, waarvan 384 overleden. Er is geen aanwijzing voor voortgaande mens-op-menstransmissie.
(Bronnen: Public Health Agency of Canada (PHAC), European Centre for Disease Control and Prevention (ECDC)). 

Aviaire influenza A (H7N9) in China

In 2014 zijn er tot nu toe 87 patiënten met aviaire influenza A (H7N9) gemeld waarvan er 7 zijn overleden. In totaal zijn er nu 244 laboratoriumbevestigde patiënten, waarvan er 53 zijn overleden. De toename van het aantal meldingen komt niet onverwacht. Er is geen bewijs van aanhoudende mens-op-menstransmissie. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft een risicoanalyse afgerond. Tevens heeft de European Centre for Disease Prevention and Control (ECDC) een nieuwe update van hun risicoanalyse uitgebracht. Het epidemiologische profiel van besmette personen is niet veranderd. Het zijn vooral mannen, personen die contact hebben gehad met pluimvee en personen die wonen in regio’s waar pluimvee positief voor influenzavirus A(H7N9) wordt gevonden.
(Bronnen: WHO, ECDC)

Influenza A(H1N1)pdm09 resistent tegen oseltamivir in Japan

In november en december 2013 was er een cluster van 6 patiënten met een influenza A(H1N1)pdm09-virusinfectie in Sapporo, Japan. Er kon geen epidemiologische link worden gevonden tussen de patiënten. Bij alle patiënten werden virussen gevonden met een H275Y-mutatie in het neuraminidase-eiwit. Deze mutatie maakt het virus resistent tegen de neuraminidaseremmers oseltamivir en peramivir. Geen van de patiënten had neuraminidaseremmers ontvangen. Het haemagglutininegen en neuraminidasegen van de virussen waren nauw verwant. Dit suggereert klonale verspreiding van een resistent virus. Het is opmerkelijk dat er zonder directe selectie druk als gevolg van behandeling met oseltamivir toch een H275Y-resistentiemutatie in het virus is gekomen. De H275Y-substitie is bekend kruisresistent met peramivir. Dit gegeven is van belang in Japan, omdat het middel daar geregistreerd is. In Europa is peramivir niet geregistreerd.
(Bron: Eurosurveillance)

Auteur

E. Fanoy, Centrum Infectieziektebestrijding, RIVM, Bilthoven

Correspondentie
E. Fanoy | ewout.fanoy@rivm.nl

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu