RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Reactie op Een mondhygieniste met hepatitis B

Het artikel Een mondhygiëniste met hepatitis B door H. Menger, gepubliceerd in het Infectieziekten Bulletin, nr. 8, 2014, beschrijft een mondhygiëniste die risicovormer is in het kader van beroepsmatige overdracht van hepatitis B. Deze werknemer werd bij toeval binnen GGD Hollands Noorden geïdentificeerd. Door de GGD werd verdere medische begeleiding in gang gezet, naast maatregelen ter voorkoming van beroepsmatige overdracht. In de medische voorgeschiedenis en ook in de aanpak van de GGD mist echter betrokkenheid van een arboprofessional.

De bedrijfsarts

De beschreven casus hoort thuis bij een onafhankelijk adviseur met medische kennis en kennis van arbeidsomstandigheden: de bedrijfsarts. Bij de combinatie van risicovormende werkzaamheden en dragerschap van hepatitis B is de bedrijfsarts dé professional voor regie rond het medisch onderzoek bij indiensttreding, voorlichting aan de werknemer, contacten met werkgever en curatieve zorg, aanmelding bij de Commissie preventie iatrogene transmissie van HBV, HCV, hiv en verdere sociaal-medische begeleiding van de werknemer. Als er bij aanvang van de stage of werkzaamheden een bedrijfsarts betrokken was geweest had betrokkene geen risico kunnen vormen voor derden en had ze al tijdens haar opleiding of start van haar werkzaamheden de gevolgen kunnen overzien, met een mogelijk vroege aanpassing van de keuze voor (voortzetting van) haar beroep.

Wetgeving

Er is geen wettelijk kader dat opleidingen verplicht tot voorlichting, screening en vaccinatie van studenten. Opleidingen kunnen hier wel onderling afspraken over maken, die ze vastleggen in kwaliteitseisen. Bij aanvang van een stage of werkzaamheden - met een werkgever-werknemersrelatie - is de werkgever (in casu de tandarts) wettelijk verplicht de werknemer in de gelegenheid te stellen tot ‘arbeidsgeneeskundig onderzoek’ (artikel 4.91 van de Arbowet). De inhoud van dit onderzoek is afhankelijk van de specifieke risico’s die bij de betreffende functie horen. Een werkgever dientte zorgen dat zijn werknemer toegang heeft tot een arbodienst/bedrijfsarts, vanaf het moment van indiensttreding. Daarnaast moet volgens de landelijke richtlijn Preventie transmissie van hepatitis B van medisch personeel naar patiënten van elke gezondheidswerker die risicovormende handelingen verricht de hepatitis B-status zijn vastgelegd. Om de veiligheid van patienten te garanderen.
Via de beroepsvereniging (www.knmt.nl), vakbladen, Arboportaal, collega’s etc had de tandarts zich hierover kunnen informeren. Contracten met (branchespecifieke) arbodiensten zijn, ook binnen de tandheelkunde, mogelijk.

Optreden GGD

De GGD heeft in dit alles geen formele rol maar kan werknemers erop wijzen dat de werkgever wettelijke verplichtingen in het kader van de Arbowet heeft. De werknemer dient dit vervolgens zelf bij de werkgever aan te kaarten; eventuele kosten zoals van screening en vaccinatie zijn voor rekening van de werkgever.

De GGD heeft kordaat opgetreden door betrokkene verder te verwijzen en haar te adviseren het werk te staken. Onafhankelijke, arbeidsgeneeskundige begeleiding blijft echter van belang, ook ten aanzien van weloverwogen keuzes voor de verdere loopbaan.

F. S. Meerstadt-Rombach, bedrijfsarts, Centrum Infectieziektebestrijding, RIVM, Bilthoven

e-mail: fleur.meerstadt@rivm.nl

IB cover

Download

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / December 2014 / Reactie op Een mondhygieniste met hepatitis B

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu