RIVM_Logo

Nationale surveillance van CPE en MRSA tot en met week 44, 2013

Nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae

In onderstaand overzicht vindt u de resultaten van de nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE). Doel van de surveillance is het vóórkomen van CPE in kaart te brengen. In het overzicht is 1 isolaat per patiënt weergegeven en zijn alleen de aangetoonde carbapenemasegenen opgenomen. In het overzicht zijn grote uitbraken niet opgenomen. Tabel 1 toont de isolaten die in de weergegeven periode ontvangen zijn door het RIVM.

Tabel 1 Overzicht CPE-isolaten t/m week 44

Micro-organismen

Gen

2012

2013

Klebsiella pneumonia

KPC

12

8
 

NDM

7

5

 

VIM

1

1

 

IMP

3

0

 

OXA-48

22

33

Klebsiella oxytoca
VIM

0

1

 

OXA-48

0

Enterobacter spp

OXA-48

5

3

 

VIM

1

1

 

NDM

1

0

 

IMP

1

0

E. coli

OXA-48

5

18

 

VIM

0

2

 

NDM

4

7

Citrobacter

VIM

0 1
 

NDM

0

1

Indeling van de gevonden carbapenemasen

Drie Amblerklassen (1)

  • A: serinecarbapenemasen KPC (Klebsiella pneumoniae-carbapenemase)
  • B: metallocarbapenemasen IMP (imipenemase) VIM (Verona integron encoded metallo-ß-lactamas NDM (New Dehli metallo-β-lactamase)
  • D: OXA-carbapenemasen OXA-48 (oxacillinehydrolyserende ß-lactamase)

Literatuur

  1. R.P. Ambler, et al. Biochem J. (1991) 276, 269-272.

Nationale surveillance van meticillineresistente Staphylococcus aureus

In onderstaand overzicht vindt u de resultaten van de nationale surveillance van meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA). Infecties veroorzaakt door meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA) zijn moeilijk te behandelen door de ongevoeligheid van deze bacterie voor alle betalactamantibiotica (zoals penicillines, cefalosporines en carbapenems) en hun wisselende gevoeligheid voor andere groepen antibiotica. De nationale surveillance is opgezet om het effect van het MRSA-search-and-destroybeleid te monitoren en te toetsen.
In tabel 2 is het totale aantal MRSA-isolaten opgenomen maar tevens het aantal buitenlandgerelateerde en veegerelateerde isolaten en er is weergegeven hoeveel isolaten uit mogelijk infectieus materiaal afkomstig zijn en hoeveel afgenomen zijn voor screening.
De genetische karakterisering van de MRSA-isolaten gebeurt met spa-typering. Bij spa-typering bepaalt men de DNA sequentie van de repeatregio in het Staphylococcus- proteïne A (spa)-gen². Op basis van het spa-type kan men een uitspraak doen over een eventuele epidemiologische link. In tabel 2 zijn de meest frequent gevonden spa-types te zien tot en met week 8 in 2013 en de aantallen daarvan in 2012.

Literatuur

  1. Harmsen D, Claus H, et al. Typing of methicillin-resistant Staphylococcus aureus in a university hospital setting by using novel software for spa repeat determination and database management.
    J Clin Microbiol 2003; 41(12): 5442-8.

Tabel 1 Overzicht MRSA-isolaten week 1 t/m 44


2012

2013

Totaal aantal MRSA-isolaten
2705
2716 

Aantal buitenland gerelateerde isolaten *

110 
84 

Aantal veegerelateerde isolaten (ST 398)

1010 
913 

Aantal niet-veegerelateerde isolaten

1695 1803 

Aantal screeningsisolaten

1749 
1751 

Isolaten uit mogelijk infectieus materiaal

900 
954 

Isolaten uit ander materiaal

56 31

* op basis van ingevulde vragenlijsten

Tabel 2 De meest frequent gevonden spa-types week 1 t/m 44

   

2012

2013

Veegerelateerd (ST 398)

t011

658 
568
 

t034

89 
126
 

t108

165 
115 

Niet veegerelateerd

t008

181 
283 
 

t002

158
184 
 

t1081

98 
154 

Contactpersoon: A.P.J. Haenen
Centrum Infectieziektebestrijding, RIVM, tel. 030 - 274 43 33

 

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / Nationale surveillance van CPE en MRSA tot en met week 44, 2013

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu