RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Nationale surveillance MRSA en CPE tot en met week 20, 2012

Nationale surveillance van meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA).


Infecties veroorzaakt door meticillineresistente Staphylococcus aureus (MRSA) zijn moeilijk te behandelen door de ongevoeligheid van deze bacterie voor alle β-lactamantibiotica (zoals penicillines, cefalosporines en carbapenems) en hun wisselende gevoeligheid voor andere groepen antibiotica. De nationale surveillance is opgezet om het effect van het MRSA search-and-destroybeleid te monitoren en te toetsen.

In tabel 1 is het totale aantal MRSA-isolaten opgenomen maar tevens het aantal buitenland gerelateerde en veegerelateerde isolaten en er is weergegeven hoeveel isolaten uit mogelijk infectieus materiaal afkomstig zijn en hoeveel afgenomen zijn voor screening.

Tabel 1: Overzicht MRSA-isolaten week 1 t/m 20, 2012

2011

2012

Totaal aantal MRSA-isolaten
1172
1125

Aantal buitenland gerelateerde isolaten *

39
36

Aantal veegerelateerde isolaten (ST 398)

504
469

Aantal niet-veegerelateerde isolaten

668
656

Aantal screeningsisolaten

768
759

Isolaten uit mogelijk infectieus materiaal

398
340

Isolaten uit ander materiaal

6
26

Tabel 2: meest frequent gevonden spa-types tot en met week 20, 2012

 

 

2011

2012

Veegerelateerd (ST 398)

t011

322
297

 

t108

90
86

 

t034

49
39

Niet veegerelateerd

t002

80
75

 

t008t

92
56

 

t1081

15
35


De genetische karakterisering van de MRSA-isolaten gebeurt met spa-typering. Bij spa-typering bepaalt men de DNA-sequentie van de repeatregio in het Staphylococcus proteïne A- (spa) gen. (2) Op basis van het spa-type kan men een uitspraak doen over een eventuele epidemiologische link. In tabel 2 zijn de meest frequent gevonden spa-types te zien tot en met week 10 in 2012 en de aantallen daarvan in 2011.

Literatuur

  1. Harmsen D., H. Claus, et al. Typing of methicillin-resistant Staphylococcus aureus in a university hospital setting by using novel software for spa repeat determination and database management. J Clin Microbiol 2003; 41(12): 5442-8.
 

Nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE)

In onderstaand overzicht vindt u de resultaten van de nationale surveillance van carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE). Doel van de surveillance is het voorkomen van CPE in kaart brengen. In het overzicht is 1 isolaat per patiënt weergegeven en zijn alleen de aangetoonde carbapenemasegenen opgenomen. In het overzicht zijn grote uitbraken niet opgenomen.

CPE-surveillance

Micro-organismen

Gen

Aantallen tot en met week 20, 2012

Klebsiella pneumonia

IMP

1

 

VIM

1

 

NDM

2

 

OXA-48

11

Enterobacter spp

NDM

1

 

OXA 48

2

Escherichia coli

NDM

1

 

OXA-48

1

Indeling van de gevonden carbapenemasen

Drie Amblerklassen (1)

  • A: serine-carbapenemasen KPC (Klebsiella pneumoniae carbapenemase)
  • B: metallo-carbapenemasen VIM (Verona integron encoded metallo-ß-lactamas
    NDM (New Dehli metallo-β-lactamase)
  • D: OXA-carbapenemasen OXA-48 (oxacillinehydrolyserende ß-lactamase)

Literatuur

  1. R.P. Ambler, et al. Biochem J. (1991) 276, 269-272.

IB cover

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / Juni 2012 / Nationale surveillance MRSA en CPE tot en met week 20, 2012

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu