RIVM_Logo

Bruine rat gezien: is er een risico voor de volksgezondheid?

In de zomer periode ontvangt de Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding (LCI) van het RIVM regelmatig vragen naar aanleiding van overlast door bruine ratten in recreatiegebieden, in waterrijke buurten of in gebieden waar landbouwbedrijven dicht bij bewoning liggen. De vragen komen veelal van GGD’en maar steeds vaker ook van gemeenteambtenaren of arbodiensten. Het zien van ratten roept de vraag op wat het volksgezondheidsrisico is, en hoe hinder van deze dieren te voorkomen.

De bruine rat

Rattus is een geslacht van knaagdieren waarvan de zwarte rat (Rattus rattus) en de bruine rat (Rattus norvegicus) in Nederland de bekendste zijn. De zwarte rat komt in Nederland in het wild weinig voor. Hij wordt aangetroffen in pakhuizen in havens, schepen, schuren of stallen en komt soms mee met bijvoorbeeld een vracht graan. Als in de Nederlandse natuur een rat wordt waargenomen, zal het dus bijna altijd om een bruine rat gaan. In Nederland is er geen monitoring van ratten waardoor de schattingen over het voorkomen van deze dieren sterk variëren. De bruine rat komt bijna wereldwijd voor.

Ratten leven in kleine groepen met een eigen territorium, hebben een lichaamslengte van 22-30 cm en wegen ongeveer ca. 500 gram. Opvallend is de dikke kale staart, korter dan het lichaam (17-23 cm). Het vrouwtje heeft meerdere worpen per jaar en krijgt dan 5 tot 7 jongen per keer die na 3 maanden geslachtsrijp zijn. De gemiddelde leeftijd van ratten in Nederland is ongeveer 1 jaar.
De bruine rat is een cultuurvolger, heeft een groot aanpassings-vermogen, heeft veel vocht nodig en leeft graag in waterrijke gebieden. De reuk is het belangrijkste zintuig en het dier is meestal ’s nachts actief. Het is een alleseter met een duidelijke voorkeur voor het beste wat voor handen is (granen, groenten, fruit, vlees, vis).

Volksgezondheidsrisico

Ratten kunnen dragers zijn van ziektekiemen. In theorie kunnen dierziekten als varkenspest, pseudovogelpest, trichinosis en de ziekte van Aujeszky (pseudorabiës) worden overgedragen via ratten. Voor mensen is vooral de overdracht van de ziekte van Weil (leptospirose) in Nederland een risico. De infectie ontstaat door contact met door rattenurine besmet water. De leptospira-bacterie kan dan via de slijmvliezen of via open wonden in het lichaam komen. Per jaar worden gemiddeld 30 gevallen van veelal ernstige leptospirose gediagnosticeerd met een duidelijke piek in de periode augustus-november. Ongeveer eenderde van de gemelde infecties worden opgelopen (tijdens vakanties) in het buitenland, met name in tropische landen.

Overlast

Mensen ervaren regelmatig overlast van de bruine rat. Dit heeft de mens echter vooral aan zichzelf te danken. De bruine rat kan zich goed in de buurt van mensen handhaven wanneer die zijn afval niet goed afvoert. De bruine rat is geen beschermd dier. Wel geldt de algemene zorgplichtbepaling, uit de Flora en Fauna wet; een ieder neemt voldoende zorg in acht voor de in het wild levende dieren en planten en voor hun directe leefomgeving. Deze bepaling, die geldt voor alle in het wild levende dieren, houdt in dat een dier niet zinloos gedood, verontrust of gevangen mag worden.

Niet bestrijden maar beheersen

Bestrijding is weliswaar een gangbare term, maar technisch bijna niet mogelijk. Het effect van het doden en vangen van ratten is van korte duur. De populatie herstelt zich snel indien er niets aan de werkelijke bron wordt gedaan; de aanwezigheid van afval/voedsel. Daarom is het advies om in te zetten op preventie en beheersing van de rattenpopulatie. Ratten komen nu eenmaal voor in een waterrijk land als Nederland.

Ruim afval op

Maatregelen die genomen kunnen worden zijn: gaten groter dan 1 cm afdichten; schuilplaatsen voor ratten wegnemen of afsluiten, rioolstelsels goed onderhouden en bolroosters van metaal plaatsen op hemelwaterafvoeren. Neem daarnaast ook hygiënische weringsmaatregelen: voedsel afsluiten, regelmatige inspectie van opgeslagen goederen en als allerbelangrijkste voedselresten en afval wegnemen of in afsluitbaren bakken (bij voorkeur van metaal) opbergen. Zeker in de zomer is dit het grootste probleem. Op plekken waar mensen recreëren en afval achterlaten ontstaat een paradijs voor ratten.

Auteur


T. Oomen, Centrum Infectieziektebestrijding, RIVM, Bilthoven

Ton. Oomen@rivm.nl

Literatuur

  1. Kennis en Adviescentrum Dierplagen
  2. Wikipedia
  3. LCI-richtlijn Leptospirose, RIVM 
  4. Hart het, M, Ratten. ISBN109029576855

 

 

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / Juni 2012 / Bruine rat gezien: is er een risico voor de volksgezondheid?

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu