RIVM logo, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

15 jaar Eurosurveillance

P. Bijkerk Eurosurveillance, het Europese peer reviewed wetenschappelijk tijdschrift over epidemiologie, surveillance, preventie en bestrijding van infectieziekten, bestaat 15 jaar. Eind 2011 werd tijdens een symposium stil gestaan bij deze mijlpaal. Dit artikel geeft een overzicht van de geschiedenis van het tijdschrift en worden enkele toekomstige ontwikkelingen geschetst.

 

Terugblik

De oprichting van Eurosurveillance was een van de vele initiatieven van de Europese Unie (EU) om de uitwisseling van informatie over volksgezondheid en epidemiologie te bevorderen, waaronder de ontwikkeling van surveillancenetwerken (zoals EARSS) en een Europees opleidingsprogramma voor veldepidemiologie (EPIET). (1) Op 1 september 1995 verscheen een pilotuitgave om te onderzoeken of een Europees bulletin voor epidemiologie van infectieziekten haalbaar en wenselijk was. Met dit nummer, dat werd verspreid onder 12.000 professionals in Europa, werd een vragenlijst meegestuurd waarin commentaar gevraagd werd op het nummer en het nut van een dergelijk tijdschrift. De pilot werd uitgevoerd door Institut de Veille Sanitaire (InVS) in Parijs. Een belangrijke bron van artikelen voor dit nummer waren publicaties uit de nationale bulletins.

De redactie van Eurosurveillance werd samengesteld uit redacteuren van nationale bulletins van de lidstaten van de EU, gecoördineerd door een Frans redactieteam en financieel ondersteund door de Europese Commissie.

In 1997 verschenen de eerste officiële (papieren) uitgaven van Eurosurveillance. In het eerste nummer schreef de toenmalig hoofdredacteur Jean-Baptise Brunet: ‘Thanks to the support expressed by readers of the September 1995 pilot issue, the Commission of the European Union has agreed to fund the first year of Eurosurveillance, a European monthly bulletin devoted to infectious diseases surveillance and field epidemiology.’ In 1997 werden in totaal 6 nummers uitgebracht. Deze editie werd verspreid onder 6.000 professionals in Europa, was tweetalig (Engels/Frans) en leek op het huidige Weekly Epidemiological Record van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Daarnaast was er een onlineversie in het Engels, Frans, Italiaans, Portugees en Spaans.

Naast dit Franse project was er een vergelijkbaar initiatief bij de Health Protection Agency (HPA) in Engeland. Het internet was in opkomst en het Britse initiatief was een reactie op ProMED-mail, een internetapplicatie voor het monitoren en uitwisselen van informatie over ‘emerging diseases’. Belangrijk bronnen voor ProMED-mail zijn berichten in de media en berichten van lokale professionals. Omdat de Britten snel informatie wilde geven over uitbraken - en betrouwbaarder dan ProMED - resulteerde dit in het verschijnen van Eurosurveillance Weekly.

Aldus waren er vanaf 1997 twee edities van Eurosurveillance. Een elektronisch weekbulletin, Eurosurveillance Weekly, en een papieren maandbulletin, Eurosurveillance Monthly. De Weekly werd gemaakt bij de HPA in Londen en richtte zich op snelle uitwisseling van informatie rondom actuele epidemieën via Rapid Communications. De Monthly, die gemaakt werd bij het InVS in Parijs richtte zich vooral op wetenschappelijk verantwoorde surveillanceartikelen. De projecten werden gefinancierd door de EU, het InVS en HPA en waren nauw met elkaar verbonden omdat ze dezelfde redactieraad hadden met vertegenwoordigers uit de verschillende EU-lidstaten.

Vanaf 1997 tot en met 2007 was de belangrijkste doelstelling van Eurosurveillance het internationaal beschikbaar maken van surveillanceresultaten en outbreakonderzoeken die anders alleen in nationale bulletins in de eigen taal werden gepubliceerd. Vandaar ook de samenwerking met de mensen achter de nationale bulletins. Namens Nederland waren de redactieleden van het Infectieziekten Bulletin betrokken. Een ander belangrijk kenmerk van Eurosurveillance was de redactionele ondersteuning bij het goed formuleren in het Engels. 

Naar het ECDC

 
In 2005, nadat eerder was besloten tot oprichting van een Europese centrum voor infectieziektebestrijding, het European Centre for Disease Prevention and Control (ECDC) in Stockholm, werd formeel besloten om dit instituut mandaat te geven voor een wekelijkse publicatie van epidemiologische gegevens die van belang zijn voor Europa. De financiering van Eurosurveillance werd overgeheveld naar het ECDC. In 2006 werd de Eurosurveillance Weekly overgeheveld van Engeland naar Stockholm en werd een nieuwe redactie gevormd bij het ECDC. Om dit proces soepel te laten verlopen werkte een redactielid van de Weekly een jaar lang als gast bij het ECDC. Tevens werd formeel vastgelegd dat de redactie van Eurosurveillance een onafhankelijke positie inneemt binnen het ECDC. In 2006 en 2007 werd de nieuwe redactie ingewerkt en ging ook de Monthly over naar het ECDC. Eind 2007 werd dit proces afgerond. In 2008 werden de 2 edities in elkaar geschoven en verscheen Eurosurveillance wekelijks alleen via het internet, met een mix van actuele uitbraakbeschrijvingen en wetenschappelijk verantwoorde epidemiologische en surveillanceartikelen. Daarnaast verschenen papieren verzamelnummers met een compilatie van artikelen. Een tijdas van de belangrijkste mijlpalen staat op de website van Eurosurveillance.

Abonnees ontvangen een wekelijkse attenderingsmail waarin de onderwerpen van de nieuwste editie worden genoemd, en een link naar het artikel op de website van Eurosurveillance. Het tijdschrift verschijnt nu alleen nog in de Engelse taal. Vanaf 2008 is ook gestart met het maken van themanummers, in 2011 onder meer over de ziekte van Chagas en over gastro-enterale infecties. Deze edities worden gedrukt in een oplage van 4600 stuks.

Sinds het begin is Eurosurveillance een ‘open access’ tijdschrift. De artikelen worden geïndexeerd door PubMed / MEDLINE, Scopus en Embase. Eurosurveillance heeft op dit moment een aanvraag voor een impactfactor lopen die naar verwachting zal worden toegekend in de loop van 2012.

In de afgelopen 3 jaar (2009-2011, peildatum 31 oktober 2011) werden meer dan 600 artikelen gepubliceerd uit 29 landen in de EU en uit meer dan 30 landen daarbuiten. Op 31 oktober 2011 waren er 13.203 abonnees. Hiervan zijn er ongeveer 500 uit Nederland. Nederland heeft de afgelopen jaren veel bijdragen geleverd aan Eurosurveillance. Van Nederlandse auteurs werden in 2010 13 artikelen gepubliceerd. Slechts een paar andere (grotere) landen publiceerden in 2010 meer artikelen, zoals Engeland (34 artikelen), Duitsland (14 artikelen), Italië (22 artikelen) en Frankrijk (26 artikelen).

De redactie

 
De dagelijkse redactie van Eurosurveillance bestaat uit een hoofdredacteur, 3 wetenschappelijk redacteuren en 2 bureau-redacteuren; zij zijn in dienst van het ECDC en werken in Stockholm. Daarnaast zijn er 16 redactieadviseurs uit verschillende lidstaten en met verschillende expertises. Tot slot is er een redactieraad van 36 personen uit de EU-lidstaten die in hun dagelijks werk betrokken zijn bij het maken van een nationaal epidemiologische bulletin en de signalering en/of surveillance van infectieziekten. In de redactieraad zit ook een vertegenwoordiger namens de EU en namens het Europese kantoor van de WHO.

Toekomst

Eurosurveillance laat zich op dit moment het beste vergelijken met de Morbidity and Mortality Weekly Record (MMWR) van het Center for Disease Control (CDC) in de Verenigde Staten. De kracht van Eurosurveillance zit hem vooral in de tijdige en de betrouwbare wijze waarop relevante artikelen over uitbraken worden gepubliceerd. Dit bleek bijvoorbeeld tijdens de grieppandemie, Aan het eind van de pandemie had Eurosurveillance meer dan 120 artikelen over dit onderwerp gepubliceerd, meestal in de vorm van een Rapid Communication. In 2011 was Eurosurveillance de eerste die berichtte over de Shigatoxine/Verotoxineproducerende Escherichia coli O104-uitbraak in Duitsland (2-4) en over de uitbraak van malaria in Griekenland. (5)

Recent werden de resultaten gepubliceerd van een lezersonderzoek dat eind 2010 werd gehouden. Een opvallende bevinding was dat een substantieel deel van de respondenten de onafhankelijkheid van het ECDC niet helder vond. De redactie heeft daarom de onafhankelijkheid van ECDC explicieter beschreven in de redactieformule. Uit het lezersonderzoek bleek ook dat er behoefte is aan het gestandaardiseerd aanbieden van manuscripten. Veel internationale wetenschappelijke tijdschriften werken al met een dergelijk systeem. De redactie werkt nu aan de opzet van een Editorial Manager System. Via dit systeem kunnen auteurs manuscripten aanbieden en kunnen auteurs en reviewers volgen in welk redactioneel stadium het manuscript zich bevindt. Medio 2012 zal dit systeem bij Eurosurveillance operationeel zijn.

Na de overgang van Eurosurveillance naar het ECDC heeft de dagelijkse redactie veel tijd moeten investeren in het opbouwen van een netwerk van auteurs, redactieleden en reviewers. Ook heeft het in elkaar schuiven van Eurosurveillance Monthly en Eurosurveillance Weekly de nodige tijd gekost. Het is afwachten welke impactfactor Eurosurveillance zal krijgen. Dit wordt medio 2012 bekend. Nederland levert vanaf de start van Eurosurveillance een belangrijke bijdrage aan de inhoud van het tijdschrift, niet alleen in de vorm van artikelen, maar ook in de vorm van reviews en redactionele adviezen.

 

Auteur

P. Bijkerk, Editorial Board Member Eurosurveillance namens Nederland, Centrum Infectieziektebestrijding, RIVM, Bilthoven

Correspondentie:

P. Bijkerk | paul.bijkerk@rivm.nl

Literatuur

 
 
  1. Eurosurveillance. Eurosurveillance anniversary scientific seminar. 15 Years. 1996-2011. Stockholm: ECDC; Zie: http://www.eurosurveillance.org/Public/Anniversary/Anniversary.aspx.
  2. Frank C, Faber MS, Askar M, Bernard H, Fruth A, Gilsdorf A, et al. Large and ongoing outbreak of haemolytic uraemic syndrome, Germany, May 2011. Euro Surveill. 2011;16(21):pii=19878. Zie: http://www.eurosurveillance.org/ViewArticle.aspx?ArticleId=19878.
  3. Askar M, Faber MS, Frank C, Bernard H, Gilsdorf A, Fruth A, et al. Update on the ongoing outbreak of haemolytic uraemic syndrome due to Shiga toxin-producing Escherichia coli (STEC) serotype O104, Germany, May 2011. Euro Surveill. 2011;16(22):pii=19883. Zie: http://www.eurosurveillance.org/ViewArticle.aspx?ArticleId=19883.
  4. Scheutz F, Møller Nielsen E, Frimodt-Møller J, Boisen N, Morabito S, Tozzoli R, et al. Characteristics of the enteroaggregative Shiga toxin/verotoxin-producing Escherichia coli O104:H4 strain causing the outbreak of haemolytic uraemic syndrome in Germany, May to June 2011. Euro Surveill. 2011;16(24):pii=19889. Zie: http://www.eurosurveillance.org/ViewArticle.aspx?ArticleId=19889.
  5. Danis K, Baka A, Lenglet A, Van Bortel W, Terzaki I, Tseroni M, et al. Autochthonous Plasmodium vivax malaria in Greece, 2011. Euro Surveill. 2011;16(42):pii=19993. Zie: http://www.eurosurveillance.org/ViewArticle.aspx?ArticleId=19993.

 


IB cover

Download

Gerelateerde onderwerpen

Home / Documenten en publicaties / Uitgaven / Juni 2012 / 15 jaar Eurosurveillance

RIVM De zorg voor morgen begint vandaag
Menu